Hoe het begon
De uraniumvindplaatsen in Congo hebben een doorslaggevende rol gespeeld in de ontwikkeling van kerntechnologie in België. Uranium is immers de grondstof die wordt gebruikt om energie in een kernreactor te produceren. In het kader van hun programma voor onderzoek en ontwikkeling van militaire toepassingen van kernenergie, deden de geallieerden een beroep op België voor het leveren van uranium. Op 26 september 1944, tijdens de Tweede Wereldoorlog, ondertekenden de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en België een overeenkomst. Ons land leverde 1.560 ton uranium aan de geallieerden. In ruil kreeg België toegang tot nucleaire kennis voor commerciële, niet-militaire toepassingen.
De eerste reactoren
Dankzij deze kennis en technologie kon België tal van burgerlijke en nuttige toepassingen van kernenergie ontwikkelen. Op 11 mei 1956 werd de eerste gecontroleerde kettingreactie bekomen met de onderzoeksreactor BR1 (Belgian Reactor 1), die nog altijd in werking is in het SCK•CEN (Studiecentrum voor Kernenergie) in Mol. Op dit succes volgde vrij snel de bouw van 2 nieuwe reactoren:
- Een testreactor voor materialen (BR2). Die wordt vandaag gebruikt voor tal van toepassingen van kernenergie, zoals de productie van radio-isotopenvoor de geneeskunde.
- Een proefreactor voor elektriciteitsproductie (BR3). Deze eerste Europese drukwaterreactor werd geëxploiteerd door de elektriciteitsproducten en liet toe om het toekomstige personeel voor de centrales van Doel en Tihange op te leiden.
Vermeerdering van het aandeel van kernenergie
Op het moment dat de eerste reactoren werden opgestart, werd in België elektriciteit vooral door middel van fossiele brandstoffen geproduceerd. Een groot deel van de steenkool kwam uit onze mijnen, maar die begonnen uitgeput te geraken. En net op datzelfde ogenblik steeg de consumptie van elektriciteit heel sterk. Kernenergie opende het perspectief van overvloedige en goedkope energie en de mogelijkheid de toekomst sereen tegemoet te zien. Sindsdien is het aandeel van kernenergie in de elektriciteitsproductie blijven stijgen. Er kwam een piek in de jaren ’80. Nadien is dat gestabiliseerd.
- 1973 (jaar van de oliecrisis): 52% van de elektriciteit wordt geproduceerd door middel van stookolie, en 0,2% door kernenergie (geleverd door de BR3).
- Jaren ‘80: het aandeel van kernenergie loopt op tot gemiddeld 66%. 2 op 3 Belgische lampen branden op kernenergie.
- Vandaag: het aandeel van kernenergie bedraagt zo’n 55%.
De BR3, de Belgische proefreactor, was de eerste kernreactor in Europa die elektriciteit produceerde.
Kerncentrale van Chooz
De kerncentrale in Chooz, aan de oever van de Maas, is een Frans-Belgische realisatie. Het is de eerste commerciële kerncentrale die België en Frankrijk van elektriciteit voorziet. Deze PWR-reactor was destijds de krachtigste ter wereld (242 MWe) en werd in 1967 aan het elektriciteitsnet gekoppeld. Hij werd definitief stilgelegd in 1991.
Door de kerncentrale van Chooz konden de Belgen en de Fransen kennis en ervaring opdoen:
- voor het ontwikkelen van materiaal voor de bouw van toekomstige installaties;
- voor het beheer van centrales.
Belgisch elektronucleair programma
Nadat Chooz in gebruik was genomen, beslisten de Belgen hun eigen elektronucleair programma op te starten. 2 plekken werden weerhouden: Doel, op de linkeroever van de Schelde, stroomafwaarts van Antwerpen, en de industriezone van Tihange, op de rechteroever van de Maas, stroomopwaarts van Luik.
België heeft dus altijd een pioniersrol gespeeld op het vlak van vreedzame toepassingen van kernenergie. U komt meer te weten over de technologieën die in België werden ontwikkeld in het artikel "De domeinen van de Belgische kernexpertise".





