De dosimeter
Iedereen die in een kerncentrale werkt, heeft een dosimeter. Die kan bij een persoon de blootstelling aan ioniserende straling meten. Er zijn 2 soorten dosimeters:
De wettelijke dosimeter gaat na of er gedurende een bepaalde, precieze periode geen abnormale blootstelling is geweest. Hij slaat de gegevens op zodat de totale blootstellingsdosis over een gegeven periode gekend is.- De elektronische dosimeter (even groot als een mp3-speler) geeft een alarmsignaal wanneer het stralingsniveau een zekere drempel overschrijdt.
Dit systeem om de blootstelling van personen te monitoren die werken op plaatsen waar radioactieve straling aanwezig is, bestaat al tientallen jaren.
De wettelijke grenzen zijn Europees vastgelegd. In België hanteren we nog strengere normen.
Wettelijke limieten
De toegestane limieten worden bepaald door een Europese richtlijn en door de Belgische wet. In België blijven de gemeten doses ver onder de Europese limiet. In de praktijk zijn de doses waaraan de werknemers in nucleaire installaties blootstaan, veel lager dan de limieten die door de wet en de uitbaters zelf worden opgelegd.
Een strikte medische opvolging
Er vinden ook regelmatig medische check-ups plaats. Die controleren de inname van radioactief materiaal. Dit maakt deel uit van de strikte medische opvolging van de werknemers.





