Kernsplitsing en kernfusie
Kernenergie bestaat in 2 varianten:
- Kernsplitsing: een zware kern wordt in 2 kleinere kernen gesplitst.
- Kernfusie: 2 lichte kernen vormen één zwaardere kern.
In beide gevallen wordt energie vrijgemaakt uit kernreacties, waarbij atoomkernen betrokken zijn. Onze huidige reactoren gebruiken kernsplitsing. Kernfusie is een technologie van de toekomst, die momenteel in ontwikkeling is.
De voordelen van kernfusie
Wetenschappers zien enorme mogelijkheden in kernfusie om de energievoorziening van onze planeet in de toekomst te verzekeren. Bij een fusiereactie komt ongeveer 4 miljoen keer meer energie vrij dan bij een chemische reactie, zoals het verbranden van aardgas of ruwe stookolie. Daarom heeft een fusiecentrale slechts een minimale hoeveelheid brandstof nodig. Bovendien komen deze brandstoffen (deuterium en tritium) zo overvloedig voor in de natuur dat ze voor miljoenen jaren energie kunnen zorgen. Deuterium zit in zeewater. En tritium wordt in de fusiereactor geproduceerd uit lithium, dat zowat overal in de aardkorst voorkomt. Ze kunnen dus miljoenen jaren voor energieproductie zorgen.
Kernfusie is ook goed voor het milieu. Net zoals bij kernsplitsing komen er bij kernfusie geen broeikasgassen vrij. Er blijft alleen helium over als restproduct, een onschadelijk gas. Het radioactieve afval zal helemaal anders zijn dan het afval dat we vandaag kennen. De levensduur zal afhangen van de materiaalkeuze, maar zal in elk geval veel korter zijn. De hoeveelheid kernafval blijft daardoor tot een minimum beperkt en de nazorg zal slechts enkele tientallen jaren duren.
Het ITER-project
In het Franse Cadarache wordt momenteel een demonstratiereactor of experimentele fusiereactor gebouwd. Die moet binnen 30 tot 35 jaar bewijzen dat het technisch mogelijk is op grote schaal energie op te wekken uit kernfusie. Het project heet ITER (International Thermonuclear Experimental Reactor).
Het ITER-project zal de komende 30 jaar vermoedelijk 16 miljard euro kosten. Het wordt gefinancierd door 7 deelnemers: de Europese Unie, de Verenigde Staten, Rusland, China, India, Japan en Zuid-Korea.
De helft van de totale investering komt de Europese bedrijven ten goede. In België werd een coördinatiecel – ITER Belgium – opgericht om de Belgische bedrijven over het project te informeren en hen te helpen deelnemen.
Beeld: www.iter.org





